Er zijn heel wat openbare basisscholen die Regenboog heten. Dat geldt ook voor kinderdagverblijven. Of deze graag in hun logo gebruiken. K3 heeft de regenboog zo ongeveer tot handelsmerk verheven. Vooral kinderen zijn er gek op. Logisch. Al die prachtige kleuren bij elkaar!
Voor christenen heeft de regenboog een extra bijzondere betekenis. In Genesis lezen we hoe God na de zondvloed een verbond sluit met Noach. Nooit meer zal een allesvernietigende vloed de aarde treffen. De regenboog wordt het zichtbare teken van die belofte.
Voor wie is die regenboog eigenlijk? Heeft God het exclusieve gebruik ervan voorbehouden aan zijn verbond met Noach? Dat lijkt me nogal onwaarschijnlijk. Anders moeten we misschien toch eens kritisch naar al die basisscholen kijken. En K3 voortaan maar skippen.
De SGP stemde tegen, de ChristenUnie voor.
Vandaag, zondag 11 oktober, is het Coming-outdag. Een dag waarop aandacht wordt gevraagd voor mensen die openlijk uitkomen voor hun seksuele geaardheid of genderidentiteit. En dan komt ook de regenboogvlag in beeld. Ditmaal ook aan het gebouw van de Tweede Kamer. En daar was nogal wat gedoe over…
Het leidde donderdagavond zelfs tot een hoofdelijke stemming. De SGP stemde tegen, de ChristenUnie voor. Beide partijen hadden overigens behoorlijke bezwaren tegen de manier waarop de kwestie politiek was gemaakt. Maar uiteindelijk kwamen ze tot een andere afweging.
De regenboog is door de lhbti-gemeenschap gekaapt, hoor je weleens. Misschien heb ik dat zelf ook weleens gezegd. Maar dat is natuurlijk veel te zwaar aangezet. Niemand heeft het alleenrecht op de regenboog.
Toch heb ik behoorlijk wat moeite met wat die vlag inmiddels is gaan vertegenwoordigen. Wat ooit bedoeld was als een symbool van zichtbaarheid, acceptatie en gelijke rechten, is inmiddels óók een symbool van opdringerig activisme geworden. Een middel waarmee acceptatie niet alleen wordt gevraagd, maar soms ook lijkt te worden afgedwongen.
Niemand zou zich vanwege zijn geaardheid hoeven te verbergen, laat staan gediscrimineerd of, nog erger, in elkaar getimmerd te worden.
Daarmee is de regenboogvlag op dit punt grotendeels mislukt als symbool. Want in plaats van mensen dichter bij elkaar te brengen, zorgt die vlag inmiddels vooral voor polarisatie. En dat is bijzonder wrang voor een vlag die juist verbinding zou moeten uitstralen.
Laat er geen misverstand over bestaan. Iedereen verdient een veilige plek in onze samenleving. Niemand zou zich vanwege zijn geaardheid hoeven te verbergen, laat staan gediscrimineerd of, nog erger, in elkaar getimmerd te worden. Maar moeten we daarvoor ook allemaal enthousiast achter diezelfde vlag gaan staan?
Er zijn heel veel homoseksuele mensen die helemaal niet in een hokje geplaatst willen worden of voortdurend onderdeel willen zijn van een maatschappelijke strijd. Ze willen gewoon hun leven leiden. Zonder zich te hoeven verantwoorden, zonder discriminatie of erger. Er zijn ook veel homoseksuele mensen die helemaal niets met de regenboogvlag hebben.
Ondertussen wordt het rijtje letters steeds langer. Tegenwoordig hoort ook de A van aseksueel erbij. Ik zie de eerste Prideboot al voor me, met een groot spandoek waarop staat: 'Wij doen het niet, maar komen vooral voor de muziek!'
Misschien verwachten we wel veel te veel van die vlag.
Flauw misschien. Maar er zit wel een serieuze vraag achter. Wat hebben al die verschillende groepen eigenlijk met elkaar gemeen? Natuurlijk verdienen ze allemaal respect en een volwaardige plaats in onze samenleving. Maar moet dat noodzakelijkerwijs onder één gezamenlijke vlag? Wanneer steeds meer groepen erin vertegenwoordigd moeten worden, behalve de hetero’s, verliest zo'n symbool dan niet juist zijn betekenis?
Misschien verwachten we wel veel te veel van die vlag. Want acceptatie laat zich niet afdwingen. Niet door activisme, niet door politieke moties en ook niet door mensen die anders denken voortdurend weg te zetten als intolerant.
Wie werkelijk verbinding zoekt, zal ook ruimte moeten laten voor mensen met gewetensbezwaren. Mensen die vanuit hun geloof of levensovertuiging anders aankijken tegen bijvoorbeeld huwelijk en seksualiteit.
Dat betekent natuurlijk nooit dat discriminatie of uitsluiting gerechtvaardigd zijn. Maar er is een wezenlijk verschil tussen iemand accepteren als mens en al zijn overtuigingen of keuzes onderschrijven.
...en hoort het Kamergebouw geen podium voor activistisch vlagvertoon te zijn.
Tolerantie werkt twee kanten op. Wie respect vraagt voor zijn eigen overtuigingen, zal datzelfde respect ook aan anderen moeten gunnen. En juist daar lijkt het steeds vaker mis te gaan.
Wat me afgelopen week boos maakte, waren de keiharde reacties op de keuze van de ChristenUnie. Kamerlid Pieter Grinwis was bepaald niet enthousiast over de motie. Hij noemde de gang van zaken zelfs treurig, potsierlijk en bizar. Volgens hem was de vlag onderdeel geworden van een politieke strijd en hoort het Kamergebouw geen podium voor activistisch vlagvertoon te zijn.
En toch stemde hij voor. Niet omdat hij plotseling allerlei andere opvattingen had gekregen, maar omdat hij wilde opkomen voor de mensen om wie het uiteindelijk ging. Voor hun gelijkwaardigheid, hun rechten en hun plaats in onze samenleving. Zeker in een tijd waarin de acceptatie van homoseksuelen onder druk staat.
Je kunt het met die afweging oneens zijn. Sterker nog, er zijn best goede argumenten te bedenken om tegen de motie te stemmen. De SGP heeft die ook aangedragen. Maar je kunt toch op zijn minst proberen te begrijpen waarom iemand tot een andere conclusie komt?
Wat zijn sommige christenen toch ontzettend hard geworden.
Nou, op sociale media bleek dat voor sommigen een brug te ver. De ChristenUnie kon de C maar beter uit haar naam schrappen. De partij was de weg kwijt. Van christelijke beginselen was kennelijk niets meer over.
En zo vlogen de ongezouten veroordelingen je weer om de oren. Daar kan ik me oprecht mateloos aan ergeren. Wat zijn sommige christenen toch ontzettend hard geworden. Vooral tegenover andere christenen.
Want laten we even helder zijn. Het gaat hier over mensen die oprecht Jezus willen volgen. Mensen die vanuit hun geloof en geweten een politieke afweging maken. En omdat die afweging niet overeenkomt met onze eigen overtuiging, menen we zomaar te kunnen vaststellen dat ze hun christelijke identiteit hebben verloochend? Wie geeft ons dat recht?
O ja, natuurlijk. We moeten wel de waarheid kunnen blijven zeggen. Dat hoor je dan vaak. En daar ben ik het helemaal mee eens. Maar sinds wanneer geeft het spreken van de waarheid ons een vrijbrief om mensen te veroordelen?
Paulus stelt in Romeinen 14 een bijzonder confronterende vraag.
'Wie bent u dat u een oordeel velt over uw broeder of zuster?' (Romeinen 14:10, NBV21)
Lees dat hoofdstuk eens helemaal. Het gaat over gelovigen die verschillend denken over wat wel en niet geoorloofd is. Paulus roept hen niet op om hun overtuigingen overboord te gooien. Wel om te stoppen met het veroordelen van elkaar. Dat lijkt me in deze discussie behoorlijk toepasselijk.
Waar is in hemelsnaam onze onderlinge liefde gebleven? We praten zo graag over het volgen van Jezus. Over genade, vergeving en liefde. Maar zodra iemand een andere afweging maakt, lijkt die genade soms ineens ver te zoeken.
Dan wordt de ander weggezet als een slechte christen. Alsof wij precies weten wat er in iemands hart leeft. Alsof wij kunnen beoordelen hoe oprecht iemand Jezus volgt.
Ik heb nieuws voor degenen die zo gemakkelijk oordelen. Je bent zelf ook een zondaar. Net als ik. En wie Jezus volgt, leeft van genade. Ook de Kamerleden van de ChristenUnie. En ook de mensen die tegen de motie stemden.
Je merkt vast wel dat deze kwestie me behoorlijk raakt. Ik word er boos van. Maar eerlijk gezegd ook verdrietig.
Ook achter die felle reacties zitten waarschijnlijk mensen die oprecht Jezus willen volgen.
Tegelijkertijd schuilt daar een gevaar in. Want terwijl ik me erger aan de veroordelende houding van anderen, ligt precies dezelfde verleiding voor mezelf op de loer. Voor ik het weet, veroordeel ik de mensen die volgens mij te veel veroordelen.
Dan ben ik eigenlijk geen haar beter. Ook achter die felle reacties zitten waarschijnlijk mensen die oprecht Jezus willen volgen. Mensen die zich zorgen maken over ontwikkelingen in onze samenleving of over de koers van hun politieke vertegenwoordigers. Ook hun overtuigingen verdienen het om serieus genomen te worden.
Dat maakt de harde woorden niet minder pijnlijk. Maar het vraagt wel om dezelfde terughoudendheid die ik van hen verlang. Laat de liefde van Jezus toch leidend zijn!
Uiteindelijk kennen we elkaars hart niet. God wel. Zelf sta ik vrij open tegenover mensen die anders denken of leven dan ik. Ook in de kerkelijke lhbti-discussie ben ik behoorlijk ruimdenkend. Wat mij betreft moeten kerkdeuren voor iedereen openstaan. Tegelijkertijd begrijp ik dat andere christenen vanuit hun geloof tot andere conclusies komen over bijvoorbeeld huwelijk en seksualiteit. Daarover moeten we kunnen blijven spreken. Zonder dat het gesprek bij voorbaat vastloopt.
...een strijd tussen voor- en tegenstanders.
Juist in de kerk zouden we moeten laten zien dat verschillen niet automatisch tot verwijdering hoeven te leiden. Jezus leert ons immers niet alleen onze vrienden lief te hebben. Zijn opdracht gaat aanzienlijk verder.
We leven in een tijd waarin vrijwel ieder onderwerp onmiddellijk verandert in een strijd tussen voor- en tegenstanders. En sociale media doen daar nog eens een flinke schep bovenop.
De nuance verdwijnt. Een zorgvuldige afweging past nu eenmaal slecht in een kort bericht. Een stevige oneliner levert meer reacties op dan een genuanceerd betoog. En voor je het weet, zijn we niet meer bezig met het begrijpen van de ander, maar met het verdedigen van ons eigen gelijk.
Ik ben die polarisatie behoorlijk zat. Overigens hoop ik van harte dat sociale media geen goede afspiegeling vormen van wat er werkelijk onder mensen leeft. Dat de meeste christenen veel genuanceerder denken dan de reacties die soms voorbijkomen. Dat we in de praktijk nog wel gewoon met elkaar kunnen praten, ook wanneer we fundamenteel van mening verschillen. Misschien is die hoop naïef. Maar voorlopig houd ik eraan vast.
...door elkaar op te zoeken. Door te luisteren.
En die regenboogvlag? Die discussie zal voorlopig niet verdwijnen. Daarvoor raakt hij aan te veel fundamentele vragen over identiteit, vrijheid, acceptatie en de ruimte voor verschillende overtuigingen.
Het is hoog tijd om na te denken over manieren waarop we daadwerkelijk meer acceptatie kunnen bereiken. Niet door mensen iets door de strot te duwen, maar door elkaar op te zoeken. Door te luisteren. Ook naar mensen die vanuit hun geweten anders denken.
Dat vraagt van alle betrokkenen iets. Maar van christenen misschien nog wel iets extra's. Wij zeggen immers dat we Jezus volgen. Dan mag er toch iets van zijn liefde zichtbaar worden in de manier waarop we met elkaar omgaan?
Voorlopig heb ik er een vast gebedspunt bij. Dat we als christenen weer leren om elkaar wat ruimte te geven. Om te verschillen zonder elkaar af te schrijven. Om de ander niet onmiddellijk langs de meetlat van onze eigen overtuigingen te leggen.
Want de regenboog is niet het probleem. Het wordt pas echt een probleem wanneer we elkaar het licht in de ogen niet meer gunnen.